Wat is junk volume?
Junk volume is al het trainingsvolume dat niet bijdraagt aan je progressie: herhalingen en sets die je wel vermoeien, maar geen groeiprikkel geven. Van een set tot falen zijn grofweg de laatste 5 à 6 herhalingen effectief. Een set die tien reps voor falen stopt, is dus bijna helemaal junk.
Red Hooftman · 14 oktober 2026
In het kort
- Wat
- Volume dat je moet draaien en waarvan je moet herstellen, zonder dat er een groeiprikkel tegenover staat. Halve sets, eindeloze warming-up, de vijfde borstoefening.
- Hoeveel
- Tussen de minimale effectieve dosering en de maximaal herstelbare dosering. Grove vuistregel: 10, 15 of 20 werksets per week, afhankelijk van de grootte van de spiergroep.
- Rust
- 2 tot 3 minuten tussen sets, bij zware beenoefeningen langer. Te kort kost reps in je volgende set, te lang kost aanloop-reps.
- Pomp
- Geen vereiste en geen doel. Wie elke training op de pomp jaagt, stapelt vrijwel zeker volume dat niets bijdraagt.
Wanneer wordt volume junk?
sets × reps × gewicht zegt niet allesEen set tot falen met een gewicht dat je 12 keer kunt tillen: de laatste 5 à 6 reps zijn effectief. De eerste 6 à 7 zijn aanloop.
Een set die tien herhalingen voor falen stopt, bestaat vrijwel volledig uit junk volume. Je lichaam moet het werk wel doen en ervan herstellen, maar er staat geen prikkel tegenover.
Het voorbeeld uit de aflevering: een borstdag met zes borstoefeningen en 27 werksets. Voelt productief, maar het grootste deel vreet alleen herstelcapaciteit.
Uitvoering en werktempo tellen mee. Een side raise met gestrekte arm en 10 kg is zwaarder werk dan een halve zwaai met 15 kg, terwijl het volume op papier lager is.
Hoor het van de trainer
tik om te luisterenOok: , , , . Uit de podcast Tussen de Set met Jay Whey, 29 juni 2026.
Hoeveel werksets per week?
per spiergroep, grove vuistregelJe effectieve volume moet tussen twee grenzen liggen: de minimale effectieve dosering (minder, en je boekt geen progressie) en de maximaal herstelbare dosering (meer, en je herstelt niet).
Per oefening is 2 tot 4 werksets een goede range. Hoe gevorderder je bent, hoe minder sets je nodig hebt: je komt dichter bij echt falen. Coach Dario adviseert in een andere aflevering lager te starten (2 tot 10 sets per spiergroep per week) en pas op te bouwen als progressie uitblijft, zie sets per spiergroep. Waar beide heren het over eens zijn: start conservatief en laat je logboek bepalen of er sets bij moeten.
Rust: niet te kort, niet te lang
een onderschatte knopDe richtlijn voor de meeste oefeningen. Bij zware beenoefeningen gerust langer.
Je begint de volgende set verzwakt: minder herhalingen, dus minder effectief volume.
Je bent per set weer zo fris dat je meer totale herhalingen, en dus meer aanloop-reps, nodig hebt voor dezelfde prikkel.
Praktisch: rust tot je ademhaling en hartslag genoeg gezakt zijn om een kwalitatieve set te draaien, en ga dan weer aan het werk.
Waar junk volume vandaan komt
de valkuilen die Jay noemt- Niet: Trainen voor de pomp. Een training voelt pas geslaagd als de spier vol en opgepompt is, dus stapel je sets en hoge herhalingen. De pomp is hooguit een teken dat er iets goed gaat, geen vereiste en geen einddoel.
- Niet: Te veel warming-up-sets. Opwarmen hoeft maar een paar lichte sets van een paar reps te zijn.
- Niet: Standaard te veel willen doen. Nog een oefening erbij, nog een set erbij. Meer is niet beter als het niet bijdraagt aan progressie.
- Niet: Cheaten vanuit de heup. Het gewicht op papier stijgt, maar de doelspier doet minder werk. Bij isolatie-oefeningen als side raises ga je daarom liever iets hoger in reps.
- Wel: Werksets tot of bij falen. 6 tot 15 herhalingen per werkset. Bij zware compound-oefeningen aan de onderkant, bij isolatie iets hoger.
Drie knoppen voor progressie
van kleine naar grote stapGewicht erbij: de kleinste en gunstigste stap. Microplates of magneetgewichtjes helpen op apparaten met grove stappen; een weight stack springt soms met 7 kg tegelijk.
Een herhaling erbij. Kies een bereik (bijvoorbeeld 8 tot 12), bouw reps op tot het plafond, verhoog dan het gewicht en start weer onderin.
Pas als laatste een set erbij. Een extra set is de grootste stap en kost het meeste herstel.
Twee trainingen op rij geen progressie op een oefening, terwijl progressie het doel is? Pas dan iets aan: het gewicht, de oefening of (naar beneden) het volume. Zie ook reps per set.
Vragen
Wat is junk volume?
Al het trainingsvolume dat niet bijdraagt aan je progressie: herhalingen en sets die te ver van spierfalen blijven om een groeiprikkel te geven, maar wel vermoeidheid en hersteltijd kosten. Vuistregel: van een set tot falen zijn ongeveer de laatste 5 à 6 herhalingen effectief.
Hoeveel werksets per oefening zijn optimaal?
Tussen de 2 en 4 werksets per oefening is een goede range. Gevorderden die echt tot falen kunnen trainen, hebben genoeg aan 2; beginners die falen nog niet goed kunnen opzoeken, halen uit een derde set net wat extra zekerheid.
Hoeveel sets per spiergroep per week heb ik nodig?
Jay Whey’s vuistregel: zo’n 10 werksets per week voor kleine spiergroepen, 15 voor middelgrote en 20 voor grote spiergroepen. Andere coaches adviseren lager te starten (2-10 sets per week) en alleen op te bouwen als de progressie stokt. In beide benaderingen geldt: je logboek is de scheidsrechter, niet de teller.
Hoe lang moet ik rusten tussen sets?
2 tot 3 minuten is voor de meeste oefeningen een goed richtpunt; bij zware beenoefeningen mag het langer. Te kort rusten kost herhalingen in je volgende set, te lang rusten betekent dat je meer totale herhalingen nodig hebt voor dezelfde prikkel.
Is een pomp nodig voor spiergroei?
Nee. De pomp kan een teken zijn dat er iets goed gaat, maar is geen vereiste voor spiergroei en geen doel op zich. Wie elke training op het pompgevoel jaagt, stapelt vrijwel zeker junk volume op: veel werk, weinig groeiprikkel.
Volledige uitleg lezen (5 min)
Junk volume is al het trainingsvolume dat niet bijdraagt aan je progressie: herhalingen en sets die je wél vermoeien, maar géén groeiprikkel opleveren. De vuistregel uit deze aflevering van Tussen de Set: van een set tot spierfalen zijn ongeveer de laatste vijf à zes herhalingen de “effectieve reps”. Alles wat je daar ver vandaan doet (halve sets, eindeloze warming-up-sets, de vijfde borstoefening van de dag) telt vooral op als vermoeidheid.
Trainer Jay Whey legt uit hoe je junk volume herkent, hoeveel werksets je echt nodig hebt en hoe je met rusttijden en progressie-stappen je schema scherp houdt.
Bekijk of beluister de aflevering
Deze uitleg komt uit onze podcast Tussen de Set. Liever kijken of luisteren? De hele aflevering staat hieronder en op Spotify.
Wat is trainingsvolume, en wanneer wordt het junk?
Trainingsvolume is klassiek gezien sets × herhalingen × gewicht. Maar dat getal zegt niet alles: uitvoering en werktempo tellen mee. Een side raise met gestrekte arm en 10 kilo is zwaarder werk dan een halve zwaai met 15 kilo, terwijl het volume op papier lager is.
Junk volume is in Jay’s definitie simpel: al het volume dat niet bijdraagt aan progressie. Train je een set tot (de buurt van) spierfalen, dan zijn grofweg de laatste vijf à zes herhalingen de significante, effectieve reps. Een set die op tien herhalingen van falen stopt, bestaat dus vrijwel volledig uit junk volume: je lichaam moet het werk wel doen en ervan herstellen, maar er staat geen groeiprikkel tegenover.
Het klassieke voorbeeld uit de aflevering: de borstdag met zes borstoefeningen en 27 werksets. Voelt productief, maar het grootste deel van dat werk draagt niets bij; het vreet alleen herstelcapaciteit.
Tussen minimum en maximum: zoveel volume heb je nodig
Je effectieve trainingsvolume moet volgens Jay tussen twee grenzen liggen: de minimale effectieve dosering (doe je minder, dan boek je geen progressie) en de maximaal herstelbare dosering (doe je meer, dan herstel je niet en stagneer of verslechter je).
Zijn grove vuistregels per spiergroep per week, voor wie richting zoekt:
~10 werksets voor kleine spiergroepen
~15 werksets voor middelgrote spiergroepen
~20 werksets voor grote spiergroepen
Per oefening is 2 tot 4 werksets een goede range. Hoe gevorderder je bent, hoe minder sets je nodig hebt om een spier echt uit te dagen: een gevorderde sporter kan zijn spieren veel beter aansturen en komt dichter bij echt falen dan een beginner. Beginners die nog niet hard tot falen kunnen trainen, hebben aan een extra set juist iets meer houvast.
Let op: experts verschillen hier van mening. In een andere aflevering adviseert coach Dario juist om láger te starten (2 tot 10 sets per spiergroep per week) en alleen op te bouwen als progressie uitblijft, zie ook Hoeveel sets per spiergroep voor spiergroei?. Waar beide heren het over eens zijn: start conservatief, en laat je logboek bepalen of er sets bij moeten.
Rusttijden: niet te kort, niet te lang
Rusttijd is een onderschatte knop om junk volume te beperken. Jay’s richtlijn: 2 tot 3 minuten tussen sets, bij zware beenoefeningen gerust langer.
Te kort rusten betekent dat je de volgende set verzwakt begint: je haalt minder herhalingen en dus minder effectief volume. Te lang rusten heeft een subtieler nadeel: je bent per set weer zo fris dat je meer totale herhalingen (en dus meer aanloop-reps) nodig hebt voor dezelfde prikkel. Praktisch: rust tot je ademhaling en hartslag voldoende gezakt zijn om een kwalitatieve set te draaien, en ga dan weer aan het werk.
De pomp is niet het doel
Een van de grootste veroorzakers van junk volume: trainen vóór het pompgevoel. Veel sporters vinden een training pas geslaagd als de spier vol en opgepompt aanvoelt, en stapelen daarvoor sets en hoge herhalingen op. Jay is er duidelijk over: de pomp is hooguit een indicator dat er iets goed gaat, geen vereiste voor spiergroei en zeker geen einddoel. Wie elke training op de pomp jaagt, draait vrijwel zeker veel volume dat niets bijdraagt aan progressie.
Andere valkuilen die hij noemt: te veel warming-up-sets, standaard te veel willen doen, en cheaten (vooral vanuit de heup) waardoor het gewicht op papier stijgt maar de doelspier minder werk doet.
Zo bouw je volume wél verstandig op
Voor herhalingen adviseert Jay in werksets een range van 6 tot 15 herhalingen, tot (de buurt van) falen. Bij zware compound-oefeningen kun je prima aan de onderkant zitten; bij isolatie-oefeningen zoals side raises liever iets hoger, niet omdat de spier dat nodig heeft, maar omdat je bij zware isolatie sneller gaat cheaten.
Wil je progressie boeken, dan zijn er drie knoppen, van kleine naar grote stap: gewicht erbij (bijvoorbeeld 1,25 of 2,5 kilo: de kleinste, meest gunstige stap), een herhaling erbij, en pas als laatste een set erbij. Praktische methode: kies een rep-bereik (bijvoorbeeld 8 tot 12), bouw herhalingen op tot je het plafond haalt, verhoog dan het gewicht zodat je weer onderin het bereik start, en herhaal. Microplates of magneetgewichtjes maken kleine stappen mogelijk op apparaten met grove gewichtsstappen.
Twee trainingen op rij geen progressie op een oefening, terwijl progressie wel het doel is? Dan is het tijd om iets aan te passen: het gewicht, de oefening of (naar beneden) het volume. Hoe je die keuze maakt, lees je ook in Hoeveel reps per set voor spiergroei?