Hoe word je sterker? Lessen van een wereldkampioen
Door kracht op te bouwen in plaats van te laten zien. Wie elke week een PR wil smijten, stagneert; wie submaximaal en gestructureerd traint, groeit door. Jordi van Heiningen, op zijn 18e wereldkampioen met 773 kg totaal, bouwt zijn schema rond de lifts, stuurt op RPE en gaat vrijwel nooit tot falen.
Red Hooftman · 14 oktober 2026
In het kort
- Verschil
- Bij bodybuilding is gewicht een middel om een spier uit te putten. Bij powerlifting is het gewicht omhoog krijgen het doel, zo efficiënt mogelijk.
- RPE
- Een schaal van 1 tot 10 voor hoe zwaar een set voelt. RPE 8 is twee herhalingen in de tank. Met 200 tot 300 kg op je rug kun je niet elke set tot falen.
- Blessure
- Jordi werd te snel te sterk: 30 tot 40 kg per lift erbij in drie maanden. Zijn spieren konden het aan, zijn botten, pezen en gewrichten niet. Anderhalf jaar rugklachten.
- Pieken
- Ver van de wedstrijd veel volume en spiermassa. Dichterbij: minder sets, meer gewicht. Maxen doe je op het moment zelf.
Powerlifting of bodybuilding?
een ander doel, een ander schemaDe grootste beginnersfout: sterker willen worden op squat, bench en deadlift met een standaard push/pull/legs- of upper/lower-split. Bouw je schema rond de lifts en hang het overige werk eromheen.
Hoor het van de kampioen
tik om te luisterenOok: , , , . Uit de podcast van Sportpoeder met Jordi van Heiningen, 28 februari 2024.
RPE: hoe zwaar voelt de set?
schaal van 1 tot 10Powerlifters sturen hun intensiteit met RPE, niet met sets tot falen. 4 keer 2 op 75 procent van je max is RPE 6: extreem ver van falen, en toch een nuttige technieksessie.
Op social media zie je powerlifters alleen PR's smijten. De saaie trainingen, sets van twee herhalingen op 75 procent, laten ze niet zien. Daar wordt de kracht gebouwd.
Zo begin je
een instap voor wie het wil proberenBankdrukken per week.
Squatten per week, en één keer deadliften.
Per lift een zware topset van drie herhalingen. Die traint je techniek onder zware lading; licht trainen op techniek helpt je niet als het op een max-moment zwaar wordt.
Daarna lichtere back-off sets, met focus op techniek onder vermoeidheid.
Een standaard schema van internet is prima om powerlifting te proberen. Wie doorgroeit, heeft maatwerk en een objectieve blik nodig; elke serieuze lifter tot en met de wereldkampioen heeft een coach. Kijk naar de prestaties van iemands atleten, niet naar de marketing.
Spieren groeien sneller dan pezen
de blessureles- Niet: Te snel te sterk. Jordi trainde gestructureerd en ego-liftte nooit, en raakte toch anderhalf jaar geblesseerd aan zijn rug. Zijn spieren konden 30 tot 40 kg per lift extra aan, zijn botten, pezen en gewrichten nog niet.
- Wel: Rem je progressie af. Tot een tempo dat je hele lichaam bijhoudt. Respecteer herstelweken.
- Wel: Isolatie wel tot falen. Powerbuilding: sterker op squat, bench en deadlift met submaximale sets, gespierder met isolatie-oefeningen tot vlak bij falen. Meer spiermassa is meer krachtpotentieel; de beste powerlifters zijn gewoon gespierd.
- Wel: Gecontroleerd zakken. Hoe langzamer de excentrische fase, hoe minder weerstand je onderin hoeft te overwinnen en hoe stabieler je blijft. Met 300 kg ga je niet stuiteren.
- Wel: Pauzes en tempo. Gepauzeerde deadlifts voor een sterkere start, tempo-squats met 3 tot 5 tellen zakken voor balans, close-grip bench voor spiergroei, en de Spoto press: pauzeren net boven de borst, nooit meer trampoline-benchen.
Pieken naar een max
wanneer je echt zwaar gaatVolume hoog, meer focus op spiermassa. Op een plateau: werksets rond 75 tot 85 procent van je max in 3 tot 9 herhalingen, en geduld.
Verlaag het volume en het aantal sets, verhoog het gewicht en de RPE. Je lichaam went aan zware lading.
Maxen doe je op het moment zelf. Daarvoor train je op 8 of 9, soms 6. Random PR-dagen tonen alleen kracht die je daarna niet opbouwt.
Naast kracht let Jordi in de wedstrijdvoorbereiding minder op zijn vetpercentage dan een bodybuilder: voor het WK at hij zich juist van 92 naar 95 kg en haalde hij in de laatste week het gewicht eraf voor de klasse tot 93 kg.
Vragen
Hoe word je sterker: zwaar trainen of vaak trainen?
Vooral slím trainen: submaximaal (meestal RPE 6-8, dus met herhalingen in de tank), gestructureerd via een schema dat rond de lifts is gebouwd, en met bewust lichte technieksessies ertussen. Elke week maximaal gaan toont alleen kracht; kracht ópbouwen gebeurt in de vele niet-maximale sets daaromheen.
Wat is RPE bij krachttraining?
RPE (rate of perceived exertion) is een schaal van 1-10 voor hoe zwaar een set voelt: RPE 8 betekent dat je nog twee herhalingen had gekund, RPE 10 is spierfalen. Powerlifters sturen er hun trainingsintensiteit mee, omdat squat, bench en deadlift te belastend zijn om steeds tot falen te trainen.
Moet je tot falen trainen om sterker te worden?
Op de grote lifts juist niet: powerlifters trainen vrijwel altijd submaximaal omdat falen op honderden kilo’s te veel vermoeidheid en blessurerisico geeft. Tot (vlak bij) falen trainen bewaar je voor isolatie-oefeningen, waarmee je de spiermassa bouwt die op termijn je krachtpotentieel vergroot.
Waarom raken beginnende powerlifters geblesseerd?
Vaak niet door ego-liften maar door te snélle progressie: spieren worden sneller sterk dan pezen, botten en gewrichten kunnen bijbenen. Wereldkampioen Jordi Lifts liep zo anderhalf jaar rugklachten op na 30-40 kg progressie per lift in drie maanden. Bouw belasting geleidelijk op en respecteer herstelweken.
Hoe doe je mee aan een powerlifting-wedstrijd in Nederland?
Word lid van de KNKF (sectie powerliften) en schrijf je in voor een open wedstrijd; voor het NK moet je je op zo’n wedstrijd kwalificeren. Je wordt ingedeeld op gewichtsklasse en leeftijd, en in de grote federaties word je gewoon getest op doping. Neem een coach of ervaren begeleider mee voor de wedstrijdlogistiek.
Kun je tegelijk sterker en gespierder worden (powerbuilding)?
Ja, dat is zelfs het recept van moderne powerlifters: submaximale kracht-training op squat, bench en deadlift, gecombineerd met isolatie-oefeningen tot vlak bij falen voor spiermassa. Meer spiermassa betekent op termijn meer kracht; daarom zijn de sterkste lifters in de top gewoon gespierd.
Volledige uitleg lezen (5 min)
Sterker worden draait om kracht ópbouwen, niet om kracht laten zien: wie elke week de gym in loopt om een PR te “smijten”, stagneert; wie submaximaal en gestructureerd traint, groeit door. Dat is de kernles van Jordi “Jordi Lifts” van Heiningen, die op zijn 18e wereldkampioen powerliften werd bij de sub-junioren (288 kg squat, 185 kg bench, 300 kg deadlift, 773 kg totaal).
In deze aflevering legt hij uit hoe powerlifting-training verschilt van bodybuilding, hoe RPE werkt, hoe je piekt naar een max-moment en welke fouten hem zelf anderhalf jaar blessureleed kostten.
Bekijk of beluister de aflevering
Deze uitleg komt uit onze video. Liever kijken? De hele video staat hieronder.
Powerlifting vs. bodybuilding: een ander doel, een ander schema
Het verschil in één zin: bij bodybuilding is gewicht een middel om een spier uit te putten; bij powerlifting is het gewicht omhoog krijgen het doel, zo efficiënt mogelijk, zonder de spier per se te “voelen”.
Daaruit volgt de grootste beginnersfout: sterker willen worden op squat, bench en deadlift met een standaard push/pull/legs- of upper/lower-split. Bouw je schema rond de lifts, niet rond spiergroepen: bepaal wanneer en hoe vaak je squat, bankdrukt en deadlift (Jordi traint feitelijk vijf keer per week “full body”), en hang daar je overige werk omheen. Een instap voor wie het wil proberen: twee keer per week bankdrukken, één keer squatten, één keer deadliften; per lift een zware topset (bijvoorbeeld 1×3) gevolgd door lichtere back-off sets (3×5) voor techniek onder vermoeidheid.
RPE: waarom powerlifters bijna nooit tot falen gaan
Powerlifters sturen hun intensiteit met RPE (rate of perceived exertion): een schaal van 1-10 voor hoe zwaar een set voelde. RPE 8 betekent twee herhalingen “in de tank”; RPE 10 is falen. De grote lifts vragen zoveel van je lichaam (200-300 kg op je rug) dat elke set tot falen trainen onherroepelijk tot oververmoeidheid en blessures leidt; daarom traint een powerlifter vrijwel altijd submaximaal, soms zelfs op RPE 6, en horen bewust lichte technieksessies (2 herhalingen op 75 procent) er gewoon bij. “Die saaie trainingen laten we op social media alleen nooit zien.”
Ook de uitvoering verschilt van het stuiter-beeld: juist bij zware gewichten zak je gecontroleerd: hoe langzamer de excentrische fase, hoe minder weerstand je onderin hoeft te overwinnen en hoe stabieler je blijft. Zonder stabiliteit geen maximale krachtproductie.
De blessureles: je spieren groeien sneller dan je pezen
Jordi trainde altijd gestructureerd en “ego-liftte” nooit, en raakte tóch anderhalf jaar geblesseerd aan zijn rug. De oorzaak: hij werd te snél te sterk (30-40 kg per lift erbij in drie maanden), waardoor zijn spieren de belasting aankonden maar zijn botten, pezen en gewrichten nog achterliepen. De les: rem bewuste progressie af tot een tempo dat je hele lichaam bijhoudt.
Voor spiergroei naast kracht (powerbuilding) is zijn recept: word sterker op de SBD’s met submaximale sets, en word gespierder met isolatie-oefeningen die je wél (bijna) tot falen traint. Meer spiermassa is meer krachtpotentieel; daarom zijn de beste powerlifters gewoon gespierd, en is het beeld van de “dikke powerlifter” achterhaald. Zijn favoriete assistentie-oefeningen: gepauzeerde deadlifts (sterkere startpositie), gepauzeerde en tempo-squats (3-5 tellen zakken; balans en stabiliteit), close-grip bench (langere bewegingsbaan = meer spiergroei) en de Spoto press (pauzeren nét boven de borst, nooit meer trampoline-benchen).
Pieken, wedstrijden en wanneer je een coach nodig hebt
Pieken naar een max-moment: ver van een wedstrijd (of test-dag) train je met hoger volume en meer focus op spiermassa; naarmate het moment nadert verlaag je het volume en verhoog je het gewicht, zodat je lichaam went aan zware lading. Max je pas óp dat moment; random PR-dagen tonen alleen kracht die je daarna niet opbouwt. Wie op een plateau zit: werksets tussen grofweg 75-85 procent van je max in de 3-9 herhalingen, en geduld.
Meedoen aan een wedstrijd kan via de KNKF (sectie powerliften): lid worden, inschrijven, en je wordt gewoon gedoping-test; de grootste federaties zijn “tested”. Neem iemand mee die de wedstrijdlogistiek kent (weging, kledingkeuring, rekhoogtes, timing), zodat jij alleen met tillen bezig bent. En over coaches: elke serieuze lifter tot en met de wereldkampioen heeft er een, maar kies kritisch. Kijk naar de prestaties van iemands atleten (niet naar de marketing), en wees op je hoede bij coaches die zelf pas een jaar liften. Een standaard internet-schema is prima om powerlifting te próberen; wie doorgroeit, heeft maatwerk en een objectieve blik nodig.